De noodzaak van een brede blik, vertrouwen en contact in Regionale Mobiliteitsprogramma’s

19-02-2020

De kick-off van de bijeenkomst over regionale mobiliteitsprogramma's, donderdag 6 februari, stond in het teken van ‘Samen werken aan de mobiliteitstransitie’. Lees hier de terugblik. De opbrengst van de dag is samen te vatten langs drie lijnen; mobiliteitsprogramma en hun context, interne visie en samenwerking, en individuele betrokkenheid. Tot slot geef ik een aantal vragen mee. 

Eerste perspectief

Regionale mobiliteitsprogramma’s en hun context is het eerste perspectief. Het is verstandig om te kijken naar hoe het programma past in de veranderingen die plaatsvinden in de wereld om ons heen. Dit werd mooi verwoord door Derk Loorbach (Drift) in de volgende valkuil voor transitiemanagement: “We gaan beginnen! Nee, het is al begonnen”. Bewust zijn van de context helpt handig in te spelen op veranderingen. Dit kan op twee manieren. Ten eerste, kan het mobiliteitssysteem gebruikt worden om een gewenste ontwikkeling op gang te brengen. Voorbeeld: ontmoedigen van autorijden > toename aantal fietsers > problemen in het fietsnetwerk > investeringen in netwerk > meer fietsers > enzovoorts. Ten tweede, kunnen oplossingen ten aanzien van mobiliteitsproblemen in andere vakgebieden liggen. Kortom, een brede blik is essentieel om effectief te zijn.

Tweede perspectief

De interne visie en samenwerking is het tweede perspectief. Hiermee doel ik op de ruimte die nodig is om te experimenteren. Deze ruimte begint bij een programmavisie waarin enerzijds doelen zijn vastgesteld en tegelijkertijd wordt erkend dat experimenten cruciaal zijn om te ontdekken hoe deze doelen behaald kunnen worden. Een experiment hoeft per definitie niet altijd te slagen. Ruimte voor het maken van fouten is belangrijk, want ‘proberen is leren’. Fouten kunnen leiden tot nieuwe inzichten en andere oplossingen, zie het recente college van de Universiteit van Nederland over toekomstbestendigde steden. Hierbij is het belangrijk transparant naar elkaar te zijn en vertrouwen in elkaar te hebben, zoals Rutger Bregman dit mooi beschrijft in ‘De meeste mensen deugen’.

Derde perspectief

Het derde en laatste perspectief gaat over de relatie van regionale mobiliteitsprogramma’s tot individuele betrokkenheid. In het minicollege van Gerwin Klomp over het Programma Rijke Waddenzee werd duidelijk hoe belangrijk contact tussen verschillende actoren is voor succesvol experimenteren. Mensen uit zowel de praktijk en wetenschap worden continu betrokken bij dit programma. Dit vraagt ontzettend veel energie en vergt een enorme ‘drive’ van de programmamedewerkers. Ik zag dit bij veel van de aanwezigen op de kick-off en het lijkt mij een van de belangrijkste elementen die een programma succesvol maken.

Hoe kunnen we ruimte creëren voor een brede blik, vertrouwen en contact? Welke middelen zijn daarvoor nodig en hoe komen we daaraan? Dit laatste is vooral een uitdaging vanwege de hoge mate van onzekerheid op het gebied van technologische, economische en politieke ontwikkelingen. Dit zijn veranderingen waar we slechts beperkt grip op hebben. Hierdoor zijn actoren minder bereid middelen vrij te maken om te experimenteren.

Promotieonderzoek

In mijn promotieonderzoek onderzoek ik hoe programmamanagement ruimte kan creëren voor experimenten, te midden van onzekerheden. Ik werk nu aan een systematische literatuurstudie waarin verschillende evaluaties van adaptief vermogen worden vergeleken. Vervolgens wil ik hiermee het adaptief vermogen van Stedelijke Bereikbaarheidsprogramma’s in Nederland evalueren. Uiteindelijk verwacht ik daaruit lessen te destilleren over hoe programmamanagement de ruimte voor experimenten kan borgen onder veranderende omstandigheden. Ideeën of interesse? Aarzel dan niet om contact met mij op te nemen.

Ingo Bousema
Promovendus Spatial en Environmental Planning Rijksuniversiteit Groningen
i.t.j.bousema@rug.nl 

 

Training over mobiliteitstransitie

Naar aanleiding van de kickoff-bijeenkomst organiseren CROW en DRIFT een nieuwe training. In de driedaagse training ‘Sturing geven aan de regionale mobiliteitstransitie’ dagen we je uit om vanuit een vernieuwend perspectief te kijken naar ontwerp en uitvoering van jouw regionale mobiliteitsplan. We starten 16 april 2020. Lees meer hierover.

Reacties

Er zijn nog geen reacties op dit bericht
Abonneer
 Security code
Scroll naar boven