Sla navigatie over

Het inschrijfproces voor onze cursussen is gewijzigd. Lees meer over de veranderingen

Voorbeelden van vrouwvriendelijk ontwerpen

'Vrouwvriendelijk ontwerpen vraagt andere blik op openbare ruimte'

15 juli 2026

Thema Toegankelijkheid

Veel vrouwen vermijden bepaalde plekken in de openbare ruimte omdat zij zich er niet veilig voelen. Witteveen+Bos onderzocht hoe ontwerpers en gemeenten daar beter rekening mee kunnen houden. Samen met gemeenten, kennisinstellingen en marktpartijen ontwikkelde het ingenieursbureau een toolbox met bijna vijftig ontwerpinstrumenten voor een inclusievere en sociaal veiligere openbare ruimte.

Nonna Joosse stond aan de wieg van dit onderzoek en de totstandkoming van een toolbox. Zij is actief als adviseur project- en contractmanagement bij Witteveen+Bos. Het werk varieert van herinrichtingen van straten tot stationsgebieden en mobiliteitsprojecten. “Wat ik leuk vind, is de verbinding tussen het sociale en het technische. Techniek is belangrijk, maar uiteindelijk ontwerp je voor mensen.”

Tijdens een van die projecten in stedelijk gebied stuitte zij op het onderwerp ‘vrouwvriendelijk ontwerp’, vertelt ze. ”We waren daar bezig met plannen voor meerdere tunnels. Een bewoonster vertelde dat zij een nieuwe fietstunnel liever zou vermijden. Dat had te maken met gevoelens van onveiligheid. Toen ging bij mij een lampje branden.”

Want Joosse merkte dat het thema niet alleen speelde binnen dat ene project. Ook in gesprekken met vriendinnen en collega’s kwam het regelmatig terug. Veel vrouwen kennen plekken die zij vermijden, routes die zij liever niet alleen afleggen of situaties waarin zij zich ongemakkelijk voelen.

Nonna Joosse

Nonna Joosse

Onderwerp dat overal leeft

“Het was eigenlijk een onderwerp dat in mijn persoonlijke omgeving voortdurend voorbij kwam. Alleen had ik nooit eerder de link gelegd met stedelijk ontwerp. Toen dacht ik: waarom doen we hier als ontwerpers nog zo weinig mee?” Binnen Witteveen+Bos plaatste zij een oproep om het onderwerp verder te verkennen. De reacties waren positief, vertelt ze. Collega’s herkenden het belang van het thema en zagen kansen om er vanuit hun vakgebied mee aan de slag te gaan.

Het vertrekpunt was ‘vrouwvriendelijk ontwerpen’. Wel benadrukt Joosse dat het uiteindelijk gaat om een inclusievere openbare ruimte voor iedereen. “Als je een park, tunnel of stationsomgeving zo ontwerpt dat vrouwen zich er prettiger voelen, profiteert uiteindelijk iedereen daarvan. Toch hebben we bewust gekozen om het vrouwvriendelijk te noemen. Juist omdat de behoeften van vrouwen in ontwerpen vaak impliciet worden vergeten.”

Voorbeelden van vrouwvriendelijke ontwerpen.

Van literatuur naar praktijk

Na de eerste verkenningen groeide het idee uit tot een omvangrijk onderzoek, met een praktische insteek. “Er bestaat al veel kennis. We wilden die kennis niet opnieuw verzamelen, maar vooral vertalen naar iets wat ontwerpers en gemeenten direct kunnen gebruiken.”

Daarom werkte Witteveen+Bos samen met gemeenten, kennisinstellingen en marktpartijen. Nederlandse gemeenten als Leiden, Groningen, Arnhem, Breda, Eindhoven en Deventer sloten aan. Vanuit België deden Leuven en Mechelen mee. Ook bouwbedrijf Heijmans en de Universiteit Hasselt waren betrokken.

Volgens Joosse ontstond daardoor een waardevolle uitwisseling van kennis en ervaringen. “Gemeenten zijn vaak vooral bezig met hun eigen stad. In dit traject konden ze juist van elkaar leren. Ook tussen Nederland en België bleek die kennisuitwisseling heel waardevol.”

Meer dan verlichting alleen

Wanneer sociale veiligheid ter sprake komt, gaat het gesprek vaak direct over verlichting. Volgens Joosse is dat begrijpelijk, maar ook te beperkt. “In ons onderzoek bleek het onderwerp veel breder. Sociale veiligheid zit ook in zichtlijnen, herkenbaarheid, oriëntatie, ontmoetingsplekken en de manier waarop mensen een gebied gebruiken.”

Een ander belangrijk inzicht was dat er niet zoiets bestaat als dé vrouw. Verschillende groepen hebben verschillende behoeften. Daarom werkte het onderzoeksteam met zogenoemde persona’s: fictieve personen die gebaseerd zijn op interviews en praktijkervaringen. “We hebben gekeken naar jonge vrouwen, oudere vrouwen en vrouwen met verschillende culturele achtergronden. Hun ervaringen verschillen soms sterk. Dat wilden we zichtbaar maken in de ontwerpprincipes.”

Praktische ontwerpkeuzes

Het resultaat is een toolbox met ongeveer vijftig ontwerpinstrumenten in de vorm van aanbevelingen, legt Joosse uit. Zo keek het onderzoeksteam naar de inrichting van parken, woonwijken en looproutes. Groenvoorzieningen in de wijk werden weinig gebruikt door bewoners, terwijl het aangrenzende winkelcentrum wel veel bezoekers trok. Door slimme verbindingen te maken en nieuwe functies toe te voegen in het park en daaromheen, kunnen dergelijke plekken aantrekkelijker worden voor meer groepen bewoners, vertelt Joosse.

“We hebben bijvoorbeeld gekeken naar sport- en spelvoorzieningen voor jonge meiden. Tegelijkertijd kun je ontmoetingsplekken creëren voor ouders en rustplekken voor ouderen. Zo versterk je verschillende functies in een wijk.”

Uiteraard speelt ook de inrichting van het groen een belangrijke rol. Beplanting kan bijdragen aan biodiversiteit én aan een gevoel van veiligheid. “Door bomen en groen slim te positioneren, help je mensen zich beter te oriënteren. Daarnaast kun je langs wandelroutes kiezen voor lagere beplanting. Dan behoud je het groene karakter, maar blijft er wel overzicht.”

Ook het straatmeubilair komt aan bod. Zelfs de kijkrichting van een bankje kan invloed hebben op hoe veilig iemand zich voelt, legt Joosse uit. “Als je met je rug naar een drukke plek zit en niet kunt zien wat er achter je gebeurt, ervaren veel vrouwen dat anders dan mannen. Dat soort inzichten hebben we vertaald naar concrete ontwerpprincipes.”

Voorbeelden van vrouwvriendelijke ontwerpen

Gemeenten zoeken houvast

Tijdens het onderzoek viel op dat veel gemeenten met dezelfde vraagstukken worstelen. “Het onderwerp is vaak versnipperd georganiseerd. Er gebeuren allerlei goede dingen, maar verspreid over verschillende afdelingen. Daardoor ontbreekt soms een samenhangende aanpak.”

Volgens haar ligt daar ook de grootste uitdaging voor de komende jaren. “Vrouwvriendelijk ontwerpen hoeft een project niet duurder te maken. Het gaat vooral om het meenemen van andere perspectieven aan de voorkant van het proces. Hoe eerder je dat doet, hoe makkelijker het wordt.”

Begin van een beweging

Witteveen+Bos presenteert de toolbox na de zomer tijdens een symposium. Daar wil het bureau niet alleen de resultaten delen, maar vooral het gesprek tussen gemeenten, ontwerpers en experts verder brengen.

Voor Witteveen+Bos en haarzelf is het onderwerp nog lang niet uitontwikkeld, verduidelijkt Joosse. “Het heeft tijd nodig, maar ik hoop dat inclusiviteit net zo vanzelfsprekend wordt als bijvoorbeeld duurzaamheid of verkeersveiligheid. Zodat er kennisnetwerken ontstaan, gemeenten ervaringen uitwisselen en ontwerpers het automatisch meenemen in hun werk.”

Zelf merkt ze dat die beweging al voorzichtig op gang komt. Collega’s kloppen inmiddels regelmatig bij haar aan met vragen over projecten waarin de nieuwe inzichten toepasbaar zijn. “Dat is misschien wel het mooiste resultaat tot nu toe. Het onderwerp leeft. Mensen zien de meerwaarde en willen ermee aan de slag. Daar kunnen we met elkaar nog veel in betekenen.”

Dit artikel is eerder gepubliceerd in de inspiratienieuwsbrief over sociale veiligheid van het Kennisnetwerk Toegankelijkheid.

Delen via